Doorgaan naar hoofdcontent
Verschil tussen blogs en messageboards In deze post bespreekt Lee Lefever de volgens hem kenmerkende verschillen tussen een weblog en een messageboard. Het bijbehorende plaatje maakt duidelijk dat volgens hem het belangrijkste verschil zit in de "controle" die het/een individu (weblog) dan wel de/een groep heeft over het proces en de inhoud. Zijn constatering over het verschil in 'locus of control' en het aanreiken van nieuwe onderwerpen lijkt er op te wijzen dat een weblog bij voorkeur geen communitytool is. Dat brengt me op het punt van gebruik van weblogs in onderwijs- dan wel leersituaties.

Een aantal Nederlandse edubloggers (naast vele Angelsaksische en met name Amerikaanse edubloggers) heeft het met enige regelmaat over het gebruik van weblogs in een onderwijscontext. (Overigens niet te verwarren met het gebruik van diezelfde weblogs door onderwijsmensen/edubloggers die het dan vooral over het gebruik van weblogs in het onderwijs hebben maar vervolgens weinig concrete praktijkvoorbeelden aandragen.) Als er enige juistheid in de constateringen van Lefever schuilt, zijn weblogs minder geschikt voor onderwijsdoeleinden dan velen graag zouden geloven.

Om te beginnen is de docent veelal degene die de weblog "opzet" en daarmee meteen de "locus of control" is. Niets is moeilijker, ook in de tijd van samenwerkend en zelfsturend leren, dan het loslaten van de vertrouwde controlemechanismen. Daarnaast zal het waarschijnlijk dezelfde docent/leraar zijn die "bepaalt" hoe de discussie of constructivistisch bedoelde kenniscreatie via de weblog zal verlopen. Tenslotte ontstaat door de voor weblogs typische methodiek een soort voorspelbare wisselwerking van 'post' en 'comment' (actie - reactie; vraag - antwoord) die goed past bij vrij traditioneel transmissieonderwijs.

In het Nederlandse (beroeps)onderwijs tenslotte is momenteel sprake van een grote verandering (volgens sommigen zelfs een paradigmashift) in de vorm van het formuleren van leerdoelen op basis van competenties. Maar wie die formuleringen tegen het licht houdt, moet vaststellen dat deze competenties/leerdoelen veelal gericht zijn op het (beroepsmatig) functioneren van het individu. Ook de introductie in het onderwijs van het persoonlijk ontwikkelingsplan (POP) versterkt nog eens de gedachte dat leren, ondanks alle kretologie over samenwerkend leren en "learning communities", nog steeds in de kern wordt gezien als een individuele activiteit. Dat brengt het hanteren van heterogene groepsvormen bij het onderwijzen (in tegenstelling tot leren) weer terug bij het veelgehoorde voordeel van de sterkere student die de zwakkere op sleeptouw neemt: de sterkere student als `onderwijzend´ verlengstuk van de docent. En het moge duidelijk zijn waar dan de "locus of control" ligt.

Is er dan helemaal geen plaats voor weblogs in het onderwijs. Zeker wel.

Het lijkt mij persoonlijk bijvoorbeeld een prima instrument/manier voor studenten om hun praktijkervaringen tijdens de stage/BPV te posten waarbij er door de begeleider frequenter en sneller feedback kan worden gegeven dan in de huidige begeleidingsystematiek mogelijk is. Het weblog(boek) kan daarnaast (eventueel gecombineerd met een stuk wiki-functionaliteit) meteen dienst doen als verslag. Ook bij andere situaties waarin een bepaalde vorm van verslaglegging gewenst is, zoals het aanleggen van een leesdossier met samenvattingen en verhaalanalyses, kan een weblog uitkomst bieden. Met name hier is het voor de docent/leraar een prima middel om te kunnen monitoren of de student (inhoudelijk en qua tijd) op koers ligt en niet eventueel bijgestuurd moet worden.

Bovenstaande voorbeelden, en zo zijn er meer te bedenken, laten m.i. zien dat weblogs zich vooral eigenen voor een-op-een situaties. Voor groepsprocessen - zoals de becommentariëring van het werk van één student door zijn medestudenten als vorm van 'peerassesment' of de gezamenlijike bediscussiëring van een onderwerp, lijkt een weblog als instrument minder geschikt. Een bijkomend aspect is dat uit recent onderzoek naar de effectiviteit van e-learningtoepassingen is gebleken dat vooral de 'forum'-functionaliteit (een toch redelijk voor de hand liggend instrument voor learning communities) amper of niet door de studenten wordt gebruikt. Hier doemt wat mij betreft de vraag op of de mate waarin de lerende de voor hem/haar beschikbare functionaliteit inzet, niet sterk wordt bepaald door de mate waarin hij individueel dan wel via groepsprocessen en -interactie het snelst en meest effectief zijn leerdoelen realiseert.

Dat brengt de discussie volgens mij terug tot de kern: moderne technologie is in een onderwijssetting slechts functioneel wanneer ze aan een efficiënter en effectiever verloop van onderwijs- en/of leerprocessen bijdraagt.

Reacties

Anoniem zei…
Hi, my name is Tim. Just wanted to say hi to the forum, I been creeping around here for a while now, but tend to participate more. Looking forward to make some new friends. Ciao!

Tim

NY, NY

Populaire posts van deze blog

GLAT: The generative AI literacy assessment test

GLAT: The generative AI literacy assessment test Generatieve AI stormt het hoger onderwijs binnen, maar zonder een heldere meetinstrument blijven zowel docenten als beleidsmakers in het duister tasten. Hoe weet je of studenten en docenten echt de vaardigheden beheersen om tools als ChatGPT, Gemini of Claude verantwoord en effectief in te zetten? Het antwoord ligt in een nieuw ontwikkeld instrument: de Generative AI Literacy Assessment Test (GLAT). Deze blogpost schetst waarom GLAT een game‑changer is en wat het betekent voor onderwijspraktijk en -beleid. Eerst en vooral biedt GLAT een prestatie‑gebaseerde manier om generatieve AI‑geletterdheid te meten. In tegenstelling tot de gangbare zelf‑rapportage‑vragenlijsten, die vaak vertekend zijn doordat respondenten hun eigen vaardigheden overschatten, bestaat GLAT uit 20 multiple‑choice‑items die de daadwerkelijke kennis, toepassingsvaardigheden, kritische evaluatie en ethische overwegingen van generatieve AI testen. De test is grondig geva...

Developing and validating an artificial intelligence ethical awareness scale for secondary and university students: Cultivating ethical awareness through problem-solving with artificial intelligence tools

De kunstmatige‑intelligentie (AI) stroomt steeds sneller onze scholen binnen, maar met die technologische kansen komen ook belangrijke ethische dilemma's. Hoe zorgen we ervoor dat leerlingen niet alleen leren programmeren, maar ook leren nadenken over de impact van hun AI‑toepassingen op mens‑autonomie, welvaart en rechtvaardigheid? Een recent onderzoek uit Hong Kong biedt een praktisch handvat: een multidimensionale AI‑Ethical Awareness Scale (AIEAS) die ethisch bewustzijn meet én versterkt door probleem­oplossend leren met AI‑tools. Allereerst toont de studie dat een project‑gebaseerde leeromgeving (PBL) de brug slaat tussen theorie en praktijk. Studenten kregen de opdracht een real‑world probleem te definiëren, een AI‑model te trainen en vervolgens de ethische gevolgen te evalueren. Door reflectieve opdrachten en groepsdiscussies werden de drie kernprincipes – menselijke autonomie, weldoen (beneficence) en eerlijkheid – expliciet in de projectfase geïntegreerd. Het resultaa...